Zorginstituut Nederland (voorheen CVZ)

Het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) is een bestuursorgaan van de overheid met een aantal belangrijke taken binnen het Nederlandse ziekenfondsstelsel.

Het CVZ is sinds 1 april 2014 van naam veranderd naar Zorginstituut Nederland. Het huidige takenpakket van het CVZ wordt met de nieuwe naam uitgebreid. Zo is het instituut nu ook verantwoordelijk om de zorgkwaliteit te gaan stimuleren en verzekerden hiervan op de hoogte houden. Ook zal het advies gaan geven aan het ministerie van Volksgezondheid over innovatie en vernieuwingen in de zorg.

Contact

ZorgWijzer.nl merkt dat veel mensen vaak niet weten hoe het Zorginstituut bereikbaar is voor vragen, bijvoorbeeld met betrekking tot wanbetaling of de verzekeringsplicht. Hieronder zijn daarom de nodige contactgegevens in kaart gebracht:

Telefoon

  • Regeling wanbetalers: 0900 – 0289
  • Regeling onverzekerden: 0900 – 1485
  • Verdragsrecht / Buitenland: +31 (0)10 428 9551
  • Wanbetalers en onverzekerden: +31 (0)6 5571 2627
    (dit nummer is uitsluitend bedoeld voor contact via Whatsapp)
  • Algemene vragen over het zorgpakket en de kwaliteit van zorg: 020 797 8227

Post

  • Regeling wanbetalers: Postbus 22710, 1100 DE Amsterdam ZO
  • Regeling onverzekerden: Postbus 12023, 1100 AA Amsterdam ZO
  • Regeling buitenland/verdragsrecht: Postbus 320, 1110 AH Diemen
  • Andere regelingen: Postbus 320, 1110 AH Diemen

Taken

Zorginstituut Nederland heeft een groot aantal taken binnen de zorgsector. Hieronder worden ze besproken:

1. Advies inhoud basispakket

Het Zorginstituut Nederland adviseert het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over de inhoud en het beheer van het basispakket van de zorgverzekering. Daarbij wordt gekeken naar drie financiële en maatschappelijke kernpunten:

  • Kwaliteit van zorg
  • Toegankelijkheid van zorg
  • Betaalbaarheid zorg

Deze drie criteria worden gebruikt bij het beoordelen van het basispakket. Er wordt door het Zorginstituut ook gekeken naar de noodzakelijkheid, uitvoerbaarheid en kosteneffectiviteit van behandelingen en andere zorgvormen die vanuit het basispakket worden vergoed.

Aan de hand van statistieken en wetenschappelijke gegevens geeft het Zorginstituut advies aan de minister over het wel of niet opnemen van een nieuw medicijn of nieuwe behandeling in het basispakket. Daarnaast beoordeelt het Zorginstituut of de huidige verstrekkingen in het basispakket nog voldoen aan de eerder genoemde criteria (kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid). Is een bepaald medicijn bijvoorbeeld nog steeds kosteneffectief of zijn er inmiddels betere of goedkopere alternatieven op de markt?

2. Informatievoorziening basispakket en kwaliteitsverbetering

Het Zorginstituut maakt aan zorgverzekeraars en verzekerden duidelijk wat tot het basispakket behoort. Daarnaast richt het kwaliteitsinstituut zich  op continue verbetering van de gezondheidszorg en het stimuleren van toegankelijkheid en betrouwbare informatie over de kwaliteit van geleverde zorg.

3. Grensoverschrijdende zorg

Via het bieden van informatie moeten patiënten in staat gesteld worden om op verantwoorde wijze gebruik te maken van hun rechten op het gebied van grensoverschrijdende gezondheidszorg. Deze informatie wordt voorzien door het door het Zorginstituut aangewezen Nationaal Contactpunt (NCP) en heeft bijvoorbeeld betrekking op zorgaanbieders, patiëntenrecht, kwaliteitsnormen en aanspraken op medische zorg in het buitenland.

4. Risicoverevening

Sommige verzekeraars hebben meer chronisch zieken of ouderen als klant dan andere verzekeraars. Aangezien deze groepen gemiddeld gezien meer zorg gebruiken dan ‘gezonde’ verzekerden, resulteert dit in meer declaraties van zorgaanbieders en dus hogere kosten voor de zorgverzekeraar. Het Zorginstituut Nederland compenseert deze verzekeraars en verdeelt de premiegelden van verzekeraars op een eerlijke manier, zodat het voor verzekeraars niet interessanter wordt om juist heel veel jonge, gezonde verzekerden aan te trekken. Dit noemt men ook wel risicoverevening.

5. Advies innovatie zorgberoepen & opleidingen

Middels de Adviescommissie Innovatie Zorgberoepen en Opleidingen adviseert het Zorginstituut de minister van VWS over de ontwikkeling van beroepen en opleidingen binnen de gehele gezondheidszorg, dus:

  • Ziekenhuiszorg
  • Eerstelijnszorg
  • Geestelijke gezondheidszorg
  • Gehandicaptenzorg
  • Langdurige zorg
  • Ondersteuning en hulp via de Wet maatschappelijke ondersteuning
  • Jeugdzorg

6. Doelmatige uitvoering Wlz

Het Zorginstituut bevordert rechtmatige en doelmatige uitvoering van de Wet langdurige zorg door haar uitvoerders en het Centraal Administratie Kantoor (CAK). Om dat te bereiken onderzoekt het Zorginstituut welke consequenties wijzigingen in beleid en het stelsel hebben voor de praktijk. Daarnaast stelt het normen en voorwaarden op voor de uitvoering van de Wlz en worden er adviezen gegeven aan het ministerie van Volksgezondheid rondom uitvoeringsconsequenties van beleid. Tot slot informeert en faciliteert het Zorginstituut partijen in de keten.

7. Regelingen bijzondere groepen

Het Zorginstituut voert regelingen uit voor bijzondere groepen. Hiertoe behoren de volgende activiteiten:

  • Uitvoeren van de Zorgverzekeringswet (Zvw) en Wet langdurige zorg (Wlz) voor mensen met een inkomen uit Nederland, maar die het buitenland wonen.
  • Beoordelen en vergoeden van zorgdeclaraties voor onverzekerbare vreemdelingen. Deze groep heeft geen zorgverzekering, maar kan wel een beroep doen op medische zorg.
  • Beheren van de bijdragevervangende belasting en het beoordelen en vergoedingen van zorgdeclaraties voor groepen die vanwege geloof- of levensovertuiging geen zorgverzekering willen afsluiten.
  • Uitvoeringen van regelingen voor onverzekerden
  • Uitvoeren van de regeling wanbetalers (zie hieronder voor meer informatie)

Regeling wanbetalers

Je kunt bij het Zorginstituut Nederland worden aangemeld door je zorgverzekeraar wanneer je een betaalachterstand van minimaal zes maandpremies hebt opgebouwd. Zodra je wordt aangemeld zal dit enkele gevolgen hebben, namelijk:

  • Je betaalt de maandelijkse premie niet langer aan de zorgverzekeraar, maar aan het Zorginstituut.
  • Je blijft wel verzekerd bij je huidige zorgverzekeraar, maar de betalingen verlopen, tot de volledige schuld is voldaan, via het Zorginstituut.
  • De verzekerde betaalt een bestuursrechtelijke premie aan Zorginstituut. Deze ligt op 128 euro per maand (per 1 juli 2016). Deze premie is dus een stuk hoger dan normaliter het geval is.  Je lost met deze extra premie echter niets af aan de betalingsachterstand bij je zorgverzekeraar.
  • Voordat deze achterstand volledig is opgelost, kun je niet terug naar de reguliere maandpremie. Je betaalt pas weer aan je eigen zorgverzekeraar wanneer alle openstaande schuld is weggewerkt.
LEES OOK
Wat is de regeling wanbetalers?

De regeling wanbetalers is in het leven geroepen voor Nederlanders die de zorgpremie niet kunnen betalen. Wat houdt het precies in?

Onvoldoende financiële middelen

Wanneer je een betalingsachterstand hebt opgebouwd bij je zorgverzekering, maar je geen financiële middelen hebt om de schuld af te lossen, kan het Zorginstituut besluiten om het maandbedrag van je inkomen of uitkering te laten betalen. Je werkgever, de uitkeringsinstantie of het pensioenfonds mindert dan het maandelijkse premie-bedrag op het inkomen en betaalt deze aan het Zorginstituut tot de schuld is afgelost en de aanmelding is opgeheven. Het Zorginstituut neemt hierover ook contact op met je werkgever, uitkeringsinstantie of pensioenfonds.

Als je zelf het bedrag, of het restbedrag, moet betalen aan het Zorginstituut, dan ontvang je hiervoor een acceptgiro van het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB). Zolang je bent aangemeld bij het Zorginstituut, heb je geen beschikking over een aanvullende verzekering. Als je deze had wel bij je normale zorgverzekering, dan komt deze te vervallen.